Waarom de rente niet naar 1 procent gaat, hoe hard Trump ook wil
In dit artikel:
Donald Trump wil de Amerikaanse beleidsrente verlagen naar 1 procent of minder, maar de Federal Reserve kiest voorlopig voor een tegenovergestelde koers. De centrale bank verhoogde vorige week de rente met 0,25 procentpunt naar 3,75 tot 4 procent. De volledige rentecommissie stemde daarmee in, wat volgens Financial Times-columnist Martin Wolf erop wijst dat Fed-voorzitter Kevin Warsh niet toegeeft aan de druk vanuit het Witte Huis.
De Fed rechtvaardigt de verhoging met de aanhoudend hoge inflatie, die al meer dan vijf jaar boven de doelstelling van 2 procent ligt, en een economie die sterker lijkt te worden. De arbeidsmarkt blijft relatief robuust, bedrijven investeren veel en de vraag naar kapitaal wordt versterkt door de AI-sector. Ook grote begrotingstekorten, importtarieven en hogere energieprijzen kunnen de inflatie en rente opdrijven.
Volgens Wolf verwart Trump de beleidsrente met de rente die de Amerikaanse overheid op staatsleningen betaalt. De Fed baseert haar beleid vooral op inflatie, groei en werkgelegenheid; de kredietwaardigheid van de overheid beïnvloedt vooral de obligatierente. De tienjaarsrente lag op 17 september rond 4,9 procent, een niveau dat volgens Wolf historisch niet uitzonderlijk is.
Wolf waarschuwt bovendien dat de lange rente juist kan stijgen als beleggers meer compensatie eisen voor de grote Amerikaanse tekorten en schulden. Uiteindelijk bepalen niet Trumps voorkeur, maar economische ontwikkelingen en de obligatiemarkt hoeveel de VS moet betalen om geld te lenen.
Vandaag Inside: Xavi en Van Dijk geraakt door overlijden Bartina Koeman: ‘Een geweldige vrouw, een strijder'