Vancouver wil voorlopig geen Bitcoin in stadsreserves na kritisch advies ambtenaren
In dit artikel:
De gemeente Vancouver zet voorlopig een streep door het plan om bitcoin op te nemen in de gemeentelijke reserves. Ambtenaren onder leiding van Colin Knight (algemeen directeur Financiën en Supply Chain Management) adviseren de gemeenteraad om het voorstel te laten vallen omdat bitcoin volgens hen niet past binnen de investeringsregels van het stadsbestuur. Zij raden aan de motie samen te voegen met andere financiële initiatieven en de beschikbare middelen anders te prioriteren. De raad neemt naar verwachting dinsdag een definitief besluit.
Het idee om een deel van de reserves in bitcoin aan te houden werd eind 2024 ingediend door burgemeester Ken Sim. Hij betoogde dat bitcoin, met een gelimiteerd aanbod van 21 miljoen munten, fungeren zou als bescherming tegen inflatie — vergelijkbaar met hoe sommigen goud inzetten. De raad gaf eerder met een meerderheid van 6 tegen 2 wel toestemming om de mogelijkheden te onderzoeken, maar de gemeentelijke diensten wijzen nu op juridische en beleidsmatige bezwaren.
Tegelijkertijd speelt de grote koersvolatiliteit van bitcoin een rol in de scepsis. Na een piek in oktober 2025 van ruim 126.000 dollar is de koers ongeveer halverwege gezakt en teruggekeerd naar eind-2024-niveaus; tijdens de correctie viel de prijs kortstondig rond 60.000 dollar. Dat versterkt twijfels of bitcoin daadwerkelijk betrouwbare koopkrachtbescherming biedt. Sommige macro-economen blijven echter positief: Lyn Alden noemde recent dat zij op de korte termijn meer potentie in bitcoin ziet dan in goud.
Kortom: politieke steun voor onderzoek was er aanvankelijk, maar ambtelijke toetsing en marktonzekerheid hebben geleid tot sterke interne tegenstand. Of het plan definitief van tafel gaat, wordt tijdens de komende gemeenteraadsvergadering beslist. Voor wie dit onderwerp volgt: de discussie raakt aan bredere thema’s zoals bestuurlijke zorgplicht, beleggingsbeleid van publieke instellingen en de inzet van cryptovaluta als inflatiehedge.