Statistieken voorspellen extreem jaar voor S&P 500: 17 procent stijging in zicht
In dit artikel:
De Amerikaanse S&P 500 maakt een uitzonderlijke opmars en noteert momenteel herhaaldelijk nieuwe records, vooral aangewakkerd door optimisme rond kunstmatige intelligentie. In de afgelopen zes weken steeg de index zonder onderbreking en klom in totaal ruim 10 procent — een reeks die sinds 1950 slechts tien keer eerder is voorgekomen.
Historische analyse wijst uit dat zo’n periode meestal geen slecht voorteken is: in negen van de tien vorige gevallen stond de S&P 500 12 maanden later hoger, met een gemiddeld rendement van ongeveer 17,1 procent (ruim het dubbele van het normale jaarrendement). Slechts in 1956 volgde er een jaar later een daling van circa 9,8 procent. Analist Ryan Detrick voegt daaraan nog een ander positief signaal toe: een reeks van acht opeenvolgende weken met stijgingen van ten minste 1 procent (zonder een tussentijdse daling van 1 procent) is in het verleden 13 keer voorgekomen en leverde gemiddeld 12 maanden later een plus van 10,2 procent op; in 76,9 procent van die gevallen stond de index hoger.
Die historische statistieken versterken het optimistische verhaal van beleggers (de bulls), maar vormen geen garantie. Externe factoren en economische schokken kunnen het koersverloop snel veranderen. Voor wie kijkt naar kansen bieden de cijfers wel argumenten dat de huidige sterkte op korte termijn vaak doorwerkt in verdere koerswinsten, al blijft voorzichtigheid geboden.