S&P 500 oogt sterk, maar steeds minder aandelen dragen die kracht
In dit artikel:
Hoewel de S&P 500 slechts ongeveer 0,2 procent onder zijn record staat, verkeert een groot deel van de index al in een forse correctie. Zo noteert 41 procent van de aandelen meer dan 30 procent onder de eigen top, staat 84 procent minstens 10 procent lager en is 17 procent meer dan de helft kwijtgeraakt.
Dat verschil komt door de marktwaardegweging van de index: de grootste bedrijven hebben veel meer invloed dan kleinere ondernemingen. Nvidia, Apple en Microsoft zijn samen goed voor ongeveer een vijfde van de S&P 500. Hun sterke prestaties, mede dankzij de hausse rond kunstmatige intelligentie, houden de index daardoor op recordniveau.
Vooral rentegevoelige sectoren staan onder druk, nu de Amerikaanse langetermijnrente is gestegen naar het hoogste niveau in 24 jaar. Volgens Schwab-strateeg Kevin Gordon wordt de markt vooral gedragen door bedrijven die profiteren van AI-investeringen. Sinds begin augustus daalde het gemiddelde indexaandeel ongeveer 14 procent van top tot bodem. Een Goldman Sachs-index zonder belangrijke AI-profiteurs steeg in zes maanden slechts 6,7 procent, tegenover 18,3 procent voor de volledige S&P 500.
De komende kwartaalcijfers zijn daarom cruciaal. Zolang megacaps hun investeringen en winstgroei opvoeren, kan de index sterk blijven. Een terugval bij een of meer van deze bedrijven zou echter snel blootleggen hoe smal de rally is.
Vandaag Inside: Johan Derksen over kritiek van Harm Edens: ‘Heeft die flapdrol ons programma wel eens gezien?’