Nederlandse pensioenfondsen als enige in de min, andere landen boeken juist winst
In dit artikel:
Nederland was in 2025 het enige van de 38 OESO-landen waar het totale pensioenvermogen daalde. In de meeste andere rijke landen groeide het vermogen dankzij positieve beleggingsrendementen. Volgens de OESO waren tegenvallende beleggingen niet de belangrijkste oorzaak van de Nederlandse terugval; vooral verliezen op obligaties en renteafdekkingen wogen zwaar.
Veel pensioenfondsen hadden zich voorbereid op de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel. Om hun dekkingsgraad tijdens die overgang te beschermen, dekten zij het renterisico af met onder meer renteswaps. Die strategie werkt gunstig bij dalende rentes, maar in 2025 liep de rente juist op. Daardoor daalde de waarde van de afdekkingen en ging volgens de berichtgeving miljarden aan rendement verloren.
De keuze leidt tot kritiek, omdat pensioenfondsen doorgaans voor de lange termijn beleggen en de bescherming vooral bedoeld was om de overgang naar het nieuwe stelsel soepel te laten verlopen. Fondsen maakten daarbij verschillende keuzes: PME houdt het renterisico in aanloop naar 2027 grotendeels afgedekt, terwijl ABP daarvan afziet vanwege de kosten en het risico op lagere vermogensgroei.
Ondanks het lagere vermogen verbeterde de dekkingsgraad. Door de hogere rente hoeven fondsen minder geld te reserveren voor toekomstige uitkeringen. Daardoor konden sommige fondsen de pensioenen toch verhogen, wat voor deelnemers moeilijk te rijmen was met de negatieve rendementen.
De Oranjezomer: Chris Woerts haalt uit: ‘De KNVB heeft boter op het hoofd!’