Nederland internationaal lachertje door box 3-regels: 'domste beleid op aarde'
In dit artikel:
De Tweede Kamer heeft vorige week met 93 van de 150 stemmen de Wet werkelijk rendement aangenomen: vanaf 2028 wordt in box 3 niet langer een fictief, maar het daadwerkelijk rendement op vermogen belast. In de praktijk betekent dit dat jaarlijks ook ongerealiseerde vermogensaanwas — papieren winst op aandelen, crypto en andere beleggingen — wordt meegenomen in de belastinggrondslag. Het tarief is 36 procent, met een vrijstelling van 1.800 euro. Verliezen zijn slechts beperkt verrekenbaar en terugwerkende verliesverrekening is niet mogelijk; wie in een jaar belasting betaalt over winst maar het volgende jaar verlies lijdt, krijgt dat niet direct terug. De peildatum voor de waardering is 1 januari, waardoor waardedalingen daarna niet automatisch leiden tot lagere aanslagen. Inflatie wordt niet gecorrigeerd.
De maatregel stuit op felle kritiek: tegenstanders zeggen dat vooral particuliere spaarders en mensen die vermogen opbouwen voor hun pensioen worden geraakt en dat het rente-op-rente-effect (compounding) wordt ondermijnd. Er bestaat bezorgdheid dat beleggers gedwongen worden posities te verkopen om belasting te betalen, en dat hogere tarieven kapitaal en ondernemers kunnen wegjagen — verwijzingen worden gemaakt naar Noorwegen, waar verscherpte vermogensheffingen hebben geleid tot vertrek van vermogenden. Critici waarschuwen ook voor negatieve effecten op lange termijn en wijzen op de Laffer-curve als reden waarom hogere tarieven niet automatisch meer inkomsten opleveren.
De Belastingdienst noemt het stelsel complex en foutgevoelig; ook de Raad van State uitte kritiek. Voor de uitvoering zijn naar schatting zo’n duizend extra ambtenaren nodig. Buitenlandse ondernemers en bekende techfiguren reageerden scherp op het wetsvoorstel en noemden het beleid onverstandig en risicovol.
Het kabinet schrijft in het coalitieakkoord dat het systeem op termijn moet doorontwikkelen naar een vermogenswinstbelasting die pas bij verkoop heft, maar stelt dat een directe overstap technisch niet haalbaar is en forse tijdelijke inkomstenverliezen kan veroorzaken. De Eerste Kamer moet nog stemmen; daar lijkt eveneens een meerderheid aanwezig.