Kabinet komt met steunpakket van €1 miljard, maar benzine blijft duur
In dit artikel:
Het kabinet werkt aan een steunpakket van bijna één miljard euro om burgers en bedrijven te helpen met de gevolgen van de oorlog in het Midden-Oosten. In plaats van een algemene verlaging van de accijnzen op benzine — zoals Duitsland dat recent deed — kiest Nederland voor gerichte maatregelen omdat een prijsdaling duur is en weinig structureels oplevert. Volgens berekeningen zou elke verlaging van tien cent per liter de staat ongeveer een miljard euro kosten. Bovendien vreest het kabinet dat goedkopere brandstof het verbruik juist zou aanjagen.
Concreet omvat het pakket onder meer een hogere onbelaste reiskostenvergoeding van 23 naar 25 cent per kilometer, wat vooral forenzen merkbaar kan schelen. Kleine ondernemers krijgen tijdelijke verlichting doordat de motorrijtuigenbelasting voor bestelauto’s en grijs kenteken-voertuigen tot het eind van het jaar met de helft wordt verlaagd. Voor huishoudens die nu al krap zitten, komt er extra geld: het energienoodfonds krijgt tientallen miljoenen extra.
Daarnaast wordt geïnvesteerd in isolatie en wordt de toekenning van subsidies voor verduurzaming naar voren gehaald, zodat zowel huishoudens als bedrijven op termijn lagere energiekosten hebben. Het voorstel ligt binnenkort in de ministerraad; daarna zoekt het kabinet steun bij oppositiepartijen en kunnen er nog aanpassingen volgen.
Kort gezegd: geen goedkopere benzine, maar gerichte financiële hulp en lange-termijnmaatregelen om kwetsbaren te ondersteunen en energieverbruik structureel te verlagen.