Iran laat 'niet-vijandige' schepen door Hormuz, maar stelt strikte voorwaarden
In dit artikel:
Iran heeft de International Maritime Organization schriftelijk laten weten onder welke voorwaarden schepen de Straat van Hormuz mogen passeren: alleen vaartuigen die als niet-vijandig worden beschouwd, niet deelnemen aan acties tegen Iran en de door Teheran opgelegde veiligheidsvoorschriften naleven, krijgen toegang en moeten coördineren met Iraanse autoriteiten. Landen die betrokken zijn bij of steun verlenen aan aanvallen op Iran worden expliciet uitgesloten.
De stap markeert een versoepeling ten opzichte van eerdere, harde uitspraken van Opperste Leider Mojtaba Khamenei over een volledige sluiting van de zeestraat. In de praktijk beweegt Iran zich nu richting controle en regulering van het verkeer: er wordt begonnen met het heffen van transitgelden en enkele commerciële schepen passeerden de afgelopen dagen dicht langs de Iraanse kust, waarschijnlijk na toestemming en betaling.
Voor de energiemarkten verandert er op korte termijn weinig doordat Iraans beleid in de kern Amerikaanse, Israëlische en vermoedelijk Britse schepen uitsluit, en rederijen uit andere landen terughoudend blijven om afhankelijk te worden van een toestemming die op elk moment ingetrokken kan worden. Iran wijst erop dat blijvende veiligheid in de straat afhankelijk is van het stoppen van militaire dreigingen in de regio; zolang het conflict voortduurt blijft de situatie onvoorspelbaar.
De boodschap is dubbel te lezen: enerzijds een voorwaardelijke bereidheid om doorgang toe te staan, anderzijds een strategische poging om macht uit te oefenen over een cruciale handelsroute waar een groot deel van de wereldolie doorheen gaat. Daarmee vergroot Iran zijn invloed op de maritieme doorvoer en creëert het een nieuw instrument om geopolitieke druk uit te oefenen.