Inflatie VS op hoogste niveau sinds 2024, Bitcoin koers blijft stabiel
In dit artikel:
De Amerikaanse consumentenprijzen zijn in maart sterk opgelopen: de CPI steeg 0,9% ten opzichte van februari en komt op jaarbasis uit op 3,3%. Het Bureau of Labor Statistics publiceerde de cijfers recent voor de Verenigde Staten. De aanjager van deze onverwachte sprong zijn energieprijzen, die in één maand ruim 10% hoger werden; benzine alleen al klom met meer dan 20%. Analisten koppelen die stijging deels aan de toegenomen spanningen rond Iran, wat de olieprijs omhoog duwt.
Tegelijkertijd toont de kerninflatie —die energie en voedsel buiten beschouwing laat en door de Federal Reserve scherp wordt gevolgd— een milder beeld: +0,2% maand-op-maand en 2,6% op jaarbasis. Beide cijfers vallen iets onder de verwachtingen (economen rekenden op respectievelijk 0,3% en 2,7%), wat erop wijst dat de onderliggende prijsdruk mogelijk afneemt.
De marktreactie was direct: obligatiekoersen stegen en de dollar verzwakte. Ook de Bitcoin-koers reageerde; rond 14:30 uur maakte BTC een korte sprong en handhaafde zich daarna rond de 72.300 dollar, een beweging die handelaren toeschrijven aan opluchting over de lagere kerninflatie en de verwachting dat de Fed voorlopig minder snel zal verkrappen.
Voor de Federal Reserve blijft de situatie echter lastig. De totale inflatie ligt nog duidelijk boven het 2%-doel, maar de zachtere kerncijfers geven beleidsmakers enige speelruimte. Tegelijk vormen aanhoudend hoge olieprijzen en indirecte effecten (hogere transportkosten, duurdere grondstoffen) een risico dat de headline-inflatie opnieuw kan oplopen. Sommige Fed-inschattingen suggereren dat een stijging van 10 dollar per vat olie de inflatie met ongeveer 0,2 procentpunt kan opdrijven — een factor die de centrale bank nauwlettend zal volgen.