IEA waarschuwt voor nieuwe olieprijsschokken door snel dalende voorraden
In dit artikel:
Het Internationaal Energieagentschap (IEA) waarschuwt dat de wereldwijde olievoorraden in rap tempo slinken, vooral als gevolg van de verstoringen rond de Straat van Hormuz door de Iran-oorlog. In april namen de voorraden van ruwe olie en geraffineerde brandstoffen met bijna 4 miljoen vaten per dag af — meer dan het gecombineerde verbruik van het Verenigd Koninkrijk en Duitsland — en sinds het begin van het conflict is er ongeveer 250 miljoen vaten van de buffers verdwenen. Zonder de olie die vastzit in de Golf door de vrijwel afgesloten Hormuz-route zou de daling nog groter zijn.
Voorraaden fungeren als marktschokdemper; nu die buffers snel wegsmelten, waarschuwt het IEA voor een verhoogde prijsgevoeligheid en mogelijke verdere prijsstijgingen in de komende maanden. Vooral richting de zomer bestaat het risico op krapte en concurrentie om beperkte brandstoffen. Normaal gaat circa een vijfde van de wereldolie via de Straat van Hormuz, en de route is al meer dan tien weken grotendeels verstoord.
De lagere aanvoer wordt deels gecompenseerd door een dalende vraag — vooral in Azië en in mindere mate Europa, waar de olievraag volgens het IEA met ongeveer 140.000 vaten per dag krimpt — maar die terugloop is onvoldoende om de voorraadafname te stoppen. Kerosine is extra kwetsbaar: rond 2025 kwam circa 60% van Europese jetfuel uit het Midden-Oosten, en netto-importen van kerosine vielen in april bijna 100.000 vaten per dag terug, waardoor ARA-voorraadniveaus onder het vijfjarig gemiddelde zijn beland. Dat kan druk zetten op luchtvaartmaatschappijen en ticketprijzen.
De druk wordt deels verlicht door hogere Noord-Amerikaanse exporten — vooral Amerikaanse diesel, dat met circa 430.000 vaten per dag steeg en grotendeels richting Europa ging — maar volgens het IEA lost dit de structurele problemen niet op zolang de aanvoer via Hormuz verstoord blijft.