De markt behandelt Frankrijk weer als crisisland
In dit artikel:
De onrust op de Franse obligatiemarkt is donderdag sterk toegenomen. Het renteverschil tussen Franse en Duitse tienjaarsstaatsleningen liep op tot 1,78 procentpunt, het hoogste niveau sinds de Europese schuldencrisis van 2011. Woensdag bedroeg de spread nog 1,74 procentpunt. De Franse tienjaarsrente steeg tijdelijk naar 5,14 procent, het hoogste niveau sinds 2002 en kortstondig hoger dan de Amerikaanse rente.
Beleggers verkochten niet alleen langlopende, maar ook kortlopende Franse staatsleningen. De rente op tweejarige leningen steeg met 11 basispunten naar 3,86 procent. Dat is opvallend, omdat kortlopende staatsobligaties in onrustige tijden normaal juist als relatief veilig worden gezien. Ook de CAC 40 daalde met meer dan 1 procent.
De verkoopgolf wordt vooral toegeschreven aan zorgen over de hoge Franse staatsschuld, de politieke verdeeldheid en de toenemende maatschappelijke onrust. Het verdeelde parlement maakt bezuinigingen en andere begrotingsmaatregelen moeilijk, terwijl protesten tegen de hoge kosten van levensonderhoud doorgaan. Voor het komende weekend worden nieuwe demonstraties verwacht. Volgens marktstrategen is het daardoor lastig om de overheidsfinanciën vóór de presidentsverkiezingen van 2027 te herstellen.
De ontwikkelingen roepen herinneringen op aan de eurocrisis, maar de situatie is niet hetzelfde als in 2011. Toen stond vooral Griekenland centraal en liep het renteverschil met Duitsland op tot ongeveer 35 procentpunt. Europa beschikt inmiddels over sterkere financiële vangnetten en Frankrijk kampt niet met dezelfde ernstige bankproblemen. De meeste beleggers verwachten daarom voorlopig geen noodinterventie van de Europese Centrale Bank (ECB).
Toch groeit de druk op de ECB om duidelijk te maken dat de snelle rentestijging de financiële omstandigheden onwenselijk aanscherpt. De centrale bank zwijgt momenteel vanwege de stilteperiode vóór het rentebesluit van volgende week. De markten kijken ook naar de Amerikaanse Federal Reserve, die maandag en dinsdag vergadert. Hoge energieprijzen, een olieprijs van meer dan 110 dollar per vat en onzekerheid over inflatie en economische groei versterken de risicoaversie.
Hedgefondsen lijken de beweging bovendien te versterken. Zij bouwen posities af die waren gericht op het renteverschil tussen Franse leningen en andere producten. Door de beperkte handel zijn er weinig kopers, waardoor gedwongen verkopen grote koersschommelingen veroorzaken. Marktkenners waarschuwen dat de onrust kan overslaan naar andere Europese landen. Zelfs Duitse staatsleningen kunnen geraakt worden als beleggers vrezen dat Duitsland later steun moet financieren aan landen met hoge schulden. Sommige beleggers verschuiven daarom geld uit Italiaanse en Duitse obligaties naar Britse en Amerikaanse staatsleningen.
Vandaag Inside: Nico Dijkshoorn vertelt over bizarre fascinatie; René van der Gijp weet niet wat hij hoort!