Analist waarschuwt: OpenAI beursgang lijkt op dotcom-bubbel
In dit artikel:
Analist Erik Mauritz ziet overeenkomsten tussen een mogelijke beursgang van OpenAI en de beruchte World Online-IPO rond 2000: hoge verwachtingen, snelle euphorie en het risico dat beleggers te veel voor de toekomst betalen. OpenAI wordt geviseerd als kandidaat voor een grote beursintroductie die de financiële markten flink kan beïnvloeden.
De zorgen zijn concreet: de waardering ligt volgens schattingen al in de honderden miljarden dollars en zou bij een beursgang richting een biljoen kunnen gaan, terwijl het bedrijf nog verlies draait en enorme investeringen vereist in datacenters, chips en energie — mogelijk honderden miljarden in de komende jaren. Tegelijkertijd is er zware concurrentie van technologiereuzen zoals Google en van nieuwe, goedkopere alternatieven, wat de duurzaamheid van OpenAI’s voorsprong onzeker maakt. Ook speelt FOMO: beleggers willen massaal meedoen met AI, wat de kans vergroot dat een aandeel te hoog wordt geprijsd bij de beursgang.
Er zijn echter ook wezenlijke verschillen met World Online. OpenAI heeft honderden miljoenen gebruikers, groeit snel in omzet en beschikt over invloedrijke partners (denk aan Microsoft, Nvidia, Amazon en SoftBank) die financiële en technologische steun bieden. Technologisch levert OpenAI basismodellen die in veel sectoren toepasbaar zijn, waardoor de potentiële markt veel groter is dan bij veel internetbedrijven uit 2000.
De kernvraag blijft of de huidige waardering een realistische afspiegeling is van toekomstige opbrengsten of vooral een prijs voor een bijna ideaal toekomstscenario — met als mogelijke uitkomst of beleggers instappen aan het begin van een nieuwe technologische revolutie of juist op het hoogtepunt van een hype.